|
Opgericht op 1 juli 1950 bij koninklijk besluit nr. 27 en vernoemd naar de KNIL generaal J.B. van Heutsz. Bij koninklijk besluit van 7 november 1950 nr 29 ontving het Regiment van Heutsz haar eerste vaandel. Het betrof hier het vaandel van het opgeheven korps Koninklijke Marechaussee van Atjeh. De doelstelling van het Regiment van Heutsz was er opgebaseerd dat zij de tradities van het Koninklijk Nederlands - Indisch Leger in de Koninklijke Landmacht zou voortzetten. Het vaandel werd uitgereikt op 2 april 1930 al aan de Marechaussee te Korta Radja en heeft hierbij de Militare Willems orde gekregen. Momenteel bevindt het vaandel zich in het museum van Bronbeek en mag het regiment naast het eigen vaandel en de Korea vlag, volgens koninklijk besluit bij passende gelegenheden ook dit vaandel voeren. ![]() Hoewel in basis een administratieve eenheid, welke na de Korea oorlog (1950-1954) gecontinueerd werd, vielen de bewakingseenheden vanaf juli 1950 onder dit Regiment. Hoewel deze eenheid BKL in de administratieve eenheid van Heutsz was opgenomen, droegen deze eenheden genaamd compagnie 1 t/m 15 het embleem van de infanterie algemeen. Sommige mannen zowel dienstplichtigen als beroeps, schafte zelf de emblemen van het regiment aan, zodat de ene met infanterie algemeen rond liep en een ander weer met het van Heutsz embleem. ( opgemaakt uit de verhalen van overlevende uit deze militaire periode ) In 1952 onder de administratieve eenheid van Heutsz, kregen deze mannen het embleem met de Haan, afkomstig van het embleem van de KNIL marechaussee uit Atjeh. Na veel scheld kanonnades t.o.v. deze mannen werd het embleem in 1954 door het ministerie van oorlog weer afgeschaft en ontvingen de betreffende onderdelen het embleem van, van Heutsz . Het tenue en emblemen ( zeer zeldzaam ) is nu nog te bewonderen, in het museum van Heutsz te Schaarsbergen. Het VN Detachement ( land eenheden ) welke in de Korea oorlog vochten, werden onder het Regiment van Heutsz uitgezonden. ( zie Korea ) De oprichting en continuering van de IBC = Instructie Bewaking Compagnieën, ging met vallen en opstaan. De BKL het Bewakingskorps Koninklijke Landmacht werd met de Compagnieën van 1 t/m 15 in de begin jaren bij de Landmacht ingedeeld. ( 1951-1954 ) Het onderdeel wat als opleiding Schoonhoven had werd op 1 januari 1955 omgedoopt naar bewakingskorps koninklijke landmacht van Heutsz. Ook werden onderdelen van het Regiment ingezet voor opleidingsinstituten binnen de landmacht, met betrekking voor het opleiden van manschappen, welke uitgezonden werden naar overzeese gebiedsdelen en bewaking compagnieën met speciale taken. De normale wacht invullingen van de landmacht, werd door de eigen onderdelen uitgevoerd. Het Regiment van Heutsz kreeg na het vaandel van de Koninklijke Marechaussee van Atjeh, de Korea vlag, of ook wel de battle-flag met de 3 streamers( linten ), in 1954 het eigen Regiments vaandel door koningin Juliana uitgereikt, op 24 februari 1955. Hierbij sprak zij de volgende tekst uit:
Het vaandel van het regiment van Heutsz vermeld de volgende krijgsverrichtingen: Koninklijk Nederlands - Indisch Leger 1816 - 1950. Korea 1950 -1954. Op 23 juni 1972 kreeg het vaandel op de Koning Willem 1 kazerne, de Militaire Willems-Orde en de Atjeh medaille aangehecht. Na een 2e reorganisatie op 1 oktober 1956, kregen deze compagnieën van Heutsz de nummering van 1 t/m 15. Zo kwam het latere onderdeel IBC 430 voort uit de Cie genaamd no. 12. Na eerst in Alkmaar te zijn opgericht, werd de basis opleiding voor de van Heutsz onderdelen naar Schoonhoven verhuisd en kreeg de naam Instructie Bataljon van Heutsz. Het Instructie Bataljon bestond uit vier compagnieën: A+B Cie voor de basis opleiding C+D Cie voor de voortgezette opleiding De A+ B Cie werden later overgenomen door de algemene opleiding Infanterie. De C+ D Cie werd overgeplaatst naar Oorschot, met veel bivak oefeningen in het nabij gelegen Witte Bergen bij Eindhoven. Zo werden de parate onderdelen genummerd van 420 t/m 434 en de onderdelen beginnend met een 3 voor de mobilisabele onderdelen. Op 1 februari 1966 werd het opleidingskamp in Schoonhoven gesloten. Het Regimentscommando werd op 16 juni 1967 overgedragen, aan het net opgerichte 48e Painfbat Van Heutsz, welke gelegerd was op de Generaal Winkelman Kazerne te Nunspeet. ( zie verder 48e Painfbat ) Ook het toenmalige Tamboer en Trompetter korps van Heutsz in de officiële uniformen , werd naar deze legerplaats verhuisd. Na alleen de overdacht muzikaal te hebben mogen begeleiden, werden deze laatste dienstplichtige muziekanten, met klein verlof naar huis gestuurd. De tamboer-maître sgt 1 Brinkman moest in allerijl trachten, om mannen vanuit het 48e painfbat van Heutsz te rekruteren, om naast hun dagelijkse taak bij het 48e, ook nog een deuntje muziek te kunnen spelen. Het Regiment van Heutsz, zou van Heutsz niet zijn als dit hem dat niet zou lukken. En warempel op de eerstvolgende taptoe toen nog in Delft, stonden ze er weer het Tamboer en Trompetter korps van het Regiment Heutsz. Het Tamboer en Trompetter korps heeft met vallen en opstaan bestaan tot de begin jaren 90. Het 48e Painfbat heeft 25 jaar lang het commando van het Regiment van Heutsz onder haar hoeden mogen hebben, tot in 1992 het commando werd overgedragen aan het 45e Painfbat, welke vanaf 29 oktober 1991 de emblemen en versierselen bij het Regiment van Heutsz behorende heeft mogen dragen. Op 14 april 1994 werd ook dit onderdeel opgeheven. Het net nieuw opgerichte 12e Infanterie Lucht Mobiel van Heutsz, ontving het commando over het Regiment bij een overdracht op 24 juli 1996. Dit onderdeel bewaakt en koestert de traditie tot op heden. Bron info: deels uit het boek 50 jaar van Heutsz Auteur: Chris Planje |